#365: Is het goud alsnog fout?

In Vaklunch #298 ‘Goud is niet fout’ besteedden wij aandacht aan het Venezolaans goud arrest van de Hoge Raad. In dit arrest komt goed tot uitdrukking op welke wijze sprake dient te zijn van een causaal verband tussen het vermeende gronddelict en de witwashandeling om te kunnen spreken van witwassen. De Hoge Raad heeft het betreffende arrest gecasseerd en de zaak teruggewezen naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Het Hof heeft zich nu opnieuw uitgelaten over de zaak. De hamvraag: is het goud uit misdrijf afkomstig?Lees verder

#364: Opgelicht of opgelucht?

Zoals wij in Vaklunch #77 al concludeerden kan het leerstuk van het voorwaardelijk opzet door veel juristen feilloos worden opgedreund: het bewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans op enig strafbaar feit. In de praktijk blijkt de toepassing ervan echter een minder gemakkelijke exercitie. Geconstrueerde bewijsoverwegingen op basis waarvan tot voorwaardelijk opzet wordt geconcludeerd is de fraudepraktijk niet vreemd. Daarom trok het vonnis van Rechtbank Limburg van 9 maart 2020 onze bijzondere aandacht.Lees verder

#363: Capaciteitstekort bij het OM leidt tot keuzes in de vervolging

In artikel 167, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is aan het Openbaar Ministerie de bevoegdheid toegekend zelfstandig te beslissen of naar aanleiding van een ingesteld opsporingsonderzoek vervolging moet plaatsvinden. De beslissing van het Openbaar Ministerie om tot vervolging over te gaan leent zich slechts in zeer beperkte mate voor een inhoudelijke rechterlijke toetsing. Maar wat als het Openbaar Ministerie überhaupt geen opsporingsonderzoek start? Welke middelen heb je dan om ervoor te zorgen dat een vervolging of opsporingsonderzoek alsnog wordt ingesteld?Lees verder

#362: Beslag: er zijn grenzen

Het Openbaar Ministerie heeft vergaande mogelijkheden om beslag te leggen. Beslag kan op basis van het Wetboek van Strafvordering worden gelegd in het kader van de waarheidsvinding, ten behoeve van een verbeurdverklaring of tot zekerheid van verhaal voor een op te leggen geldboete of een ontnemingsmaatregel wegens wederrechtelijk verkregen voordeel. Tegen dat beslag kan de beslagene een klaagschrift indienen bij de rechtbank. Zoals wij in Vaklunches #37, #185 en #354 al schreven blijkt het in de praktijk geen sinecure om met succes tegen beslag te klagen. Toch dienen zich in de praktijk met enige regelmaat succesvolle voorbeelden aan.Lees verder

#361: Fiscale fraudezaken zijn niet gelijk te stellen aan kinderpornozaken

Efficiëntie en doelmatigheid zijn kernwoorden in de huidige tijdsgeest. Ook in het strafproces wordt naarstig gepoogd om efficiëntie en doelmatigheid na te streven. Daar lijdt de rechtsbescherming in de praktijk echter wel onder. En dat is onwenselijk. Zo probeert het Openbaar Ministerie de mal van de behandeling van grootschalige kinderpornozaken te plakken op fiscale fraudezaken. Dat komt erop neer dat het Openbaar Ministerie – net als in grootschalige kinderpornozaken – een selectie van vermeende onjuiste belastingaangiften ten laste legt en vervolgens het grootschalige karakter van de fraude en de omvang van het belastingnadeel meeneemt in de strafmaat. Minimale inspanning voor het Openbaar Ministerie en maximaal resultaat bij een veroordeling. Dat is wel zo efficiënt, toch? Wat ons betreft gaat deze vlieger niet op. Gelukkig vindt advocaat-generaal Knigge deze redenering ook te verstrekkend. Lees verder

#360: Van de regen in de drup

In Vaklunch #291 schreven wij dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens Nederland in oktober 2018 op de vingers tikte in verband met de detentieomstandigheden op Sint Maarten. In die zaak ging het om een verdachte die gedetineerd was in een cel op het politiebureau in Philipsburg. Deze verdachte zat daar – veel – langer dan de 10 dagen die acceptabel zouden zijn. De reden was dat de verdachte niet kon worden overgeplaatst naar de Pointe Blanche gevangenis op Sint Maarten, omdat de veiligheid daar niet zou kunnen worden gewaarborgd. Het EHRM heeft geoordeeld dat artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens was geschonden: het verbod op foltering en onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing. Inmiddels blijkt er nog niet veel te zijn veranderd.Lees verder

#359: De bewijslast van opzet

Artikel 225 van het Wetboek van Strafrecht kent twee vormen van valsheid in geschrifte: lid 1 ziet op het valselijk opmaken van een geschrift en lid 2 ziet op het gebruik maken van een geschrift als ware het echt of onvervalst is. Voor wat betreft de laatste variant dient sprake te zijn van opzet op het gebruik van het vervalste geschrift. Dit betekent ook dat de verdachte wetenschap dient te hebben van het valse of vervalste karakter van de geschriften. Recent is een arrest van het Hof Amsterdam gepubliceerd waarin de bewijslast voor het opzet kritisch wordt beoordeeld. Lees verder

#358: Vervlogen tijden

In Vaklunch #355 schreven we dat de bewijsvoering van witwassen zonder geïdentificeerd gronddelict soms aandoet alsof het Openbaar Ministerie geen bewijslast zou hebben en dat het aan de verdachte is om zijn onschuld te bewijzen. Maar dat gaat een stap te ver. Dit zou de bewijslast ten onrechte bij de verdachte neerleggen. Bij een vermoeden dat het niet anders kan zijn dan dat het voorwerp uit enig misdrijf afkomstig is, mag van de verdachte een verklaring over de herkomst van het vermogen worden verlangd. De bewijslast voor het delict rust echter op het Openbaar Ministerie. Dat geldt ook voor het vereiste bewijs van (voorwaardelijk) opzettelijk handelen.Lees verder

#357: Het belang van goed verbaliseren

In de Delikt en Delikwent van januari stond een interessant artikel met als titel ‘De verschriftelijking van verdachtenverhoren’ van M.L. Komter. In Nederland worden verdachten gehoord door de politie en de FIOD en gelijktijdig wordt een proces-verbaal opgemaakt door de verbalisanten. Dit proces-verbaal is een zakelijke vastlegging van hetgeen door de verdachte is verklaard. In dit artikel worden een aantal omstandigheden beschreven die een rol spelen bij de totstandkoming van een proces-verbaal, te weten: de dubbele taken van verhoorders en verbalisanten, het aantal verhoorders, de rol van het typen en de schrijfstijlen. Lees verder

#356: Publieksprijs voor vaklunch.nl

In Vaklunch #347 maakten we bekend dat Vaklunch #304 genomineerd was voor de Magna Charta publieksprijs in de categorie beste blog strafrecht 2019. Jullie hebben massaal op deze blog gestemd en dat leverde ons afgelopen maandag deze prachtige publieksprijs op! Een mooie waardering voor onze blog die we inmiddels al bijna 7 jaar met veel plezier schrijven en een goede reden om nog even door te blijven gaan.

Heel veel dank aan jullie allemaal!