#299: Bent u gewaarschuwd?

Het zwijgrecht van de verdachte is fundamenteel in ons rechtssysteem. Als een verdachte van zijn zwijgrecht gebruik maakt dan kan dat in beginsel niet als bewijs tegen hem worden gebruikt. Dat bevestigde de Hoge Raad nog eens in het arrest van 16 september 2014, waar wij in Vaklunch #84 aandacht aan hebben besteed . In de wet is ook verankerd dat de verdachte op dit fundamentele zwijgrecht moet worden gewezen, ook door de rechter. Maar wat gebeurt er als de rechter dat niet doet?Lees verder

#298: Goud is niet fout

In Vaklunch #252 stelden wij het bestanddeel ‘uit enig misdrijf afkomstig’ van het misdrijf witwassen aan de orde. Dit bestanddeel vereist dat er een causaal verband bestaat tussen het gronddelict en het voorwerp dat wordt witgewassen. Dit blijkt ook uit het arrest van de Hoge Raad van 28 oktober 2014 waar wij in Vaklunch #252 naar verwezen. In deze Vaklunch brengen wij graag nog het arrest van 13 maart 2018 onder de aandacht waarin de Hoge Raad dit causale verband nogmaals goed tot uitdrukking brengt.

Lees verder

#297: Verklaringsvrijheid en de waarheid

In Vaklunch #286 hebben wij aandacht besteed aan de conclusie van advocaat-generaal mr. Knigge van 4 september 2018 over de vraag wanneer sprake is van strafbare beïnvloeding van getuigen. Mr. Knigge concludeerde dat van strafbare beïnvloeding eerst sprake is indien iemand een getuige dusdanig beïnvloedt dat deze niet meer in vrijheid kan verklaren. Althans, wanneer de beïnvloeding dusdanig is dat de getuige zich niet meer vrij voelt om te getuigen. Het aanmoedigen van de getuige om naar waarheid te verklaren valt volgens mr. Knigge niet onder die strafbare beïnvloeding. Ook niet als dat gepaard gaat met bedreiging. Dan is immers sprake van een ander strafbaar feit, te weten bedreiging. Inmiddels heeft de Hoge Raad in deze zaak arrest gewezen op 13 november 2018. Brengt dit arrest iets nieuws onder de zon?

Lees verder

#296: Een vergoeding voor advocaatkosten

Iemand die verdacht wordt van een strafbaar feit die zal zich daartegen willen verdedigen. Het voeren van een verdediging kost veel tijd en is daarom kostbaar. De advocaatkosten kunnen afhankelijk van de zaak flink oplopen. Als een zaak eindigt zonder maatregel of straf komen de advocaatkosten voor vergoeding in aanmerking. Een belangrijk onderdeel van de rechtstaat, zo lijkt ons.

Lees verder

#295: De kroongetuige in fraudezaken?

Uit de media kennen we ‘de kroongetuige’ met name als belangrijke figuur die een rol speelt in strafzaken rondom de zware criminaliteit. De meeste mensen zullen de term in verband brengen met strafzaken rondom liquidaties in de onderwereld. Recent is tijdens het algemeen overleg van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid gesproken over de vraag of een dergelijke regeling ook toegepast zou moeten worden bij een verdenking van witwassen. Maar hoe zit het eigenlijk? En is verdere ontwikkeling hiervan wenselijk?

Lees verder

#294: Het leed is al geleden

Op 2 november 2018 vond het anti-corruptiecongres plaats van de Bijzonder Strafrecht Academie. Tijdens dit congres sprak onder andere professor Huisman, criminoloog bij de VU. Hij doet onderzoek naar de niet-juridische impact van strafrechtelijke onderzoeken en vervolgingen op verdachten in fraude onderzoeken. Deze niet juridische impact zou wat ons betreft echter wel degelijk juridische gevolgen moeten hebben.

Lees verder

#293: Een geslaagde ‘dappere poging’

Vorige week gingen we in op het onderwerp dat feitenrechters die een forse overschrijding van de redelijke termijn constateren het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaren. Dat is wat ons betreft een terecht signaal. De verdachte heeft simpelweg recht op een berechting binnen een redelijke termijn. Dat is een fundamenteel recht verankerd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De jurisprudentie van de Hoge Raad is op dit punt weinig daadkrachtig te noemen. Als het aan de Hoge Raad ligt leidt termijnoverschrijding niet tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie. Blijkens het arrest van 17 juni 2008 leidt dit enkel tot strafkorting. Het kan er echter wel toe leiden dat een veroordeling zonder oplegging van straf een uitkomst kan zijn.

Lees verder

#292: Wachten tot je een ons weegt

Artikel 6 EVRM geeft een verdachte het recht op een openbare zitting binnen een redelijke termijn. Overschrijding van de redelijke termijn wordt volgens jurisprudentie van de Hoge Raad in de regel gecompenseerd met strafvermindering. Het leidt niet tot niet-ontvankelijkheid, ook niet in uitzonderlijke gevallen. Klare taal van de Hoge Raad, maar rechtbanken lijken zich niet altijd in dit oordeel van de Hoge Raad te kunnen vinden.

Lees verder

#291: Het EHRM tikt Nederland op de vingers

Recent is de in 1973 verfilmde bestseller uit 1968 ‘Papillon’ in een moderner jasje gestoken. Het verhaal gaat over de Franse Papi die het begaan van een moord in zijn schoenen geschoven krijgt en daarvoor wordt veroordeeld. Hij verlaat met vele andere gedetineerden Frankrijk en moet zijn straf uitzitten in het overzeese gebied Frans Guyana. Dat laat Papi zich echter niet zonder verzet gebeuren. Niet alleen de volhardendheid van Papi om zijn vrijheid terug te krijgen is opmerkelijk, dat geldt ook voor de erbarmelijke omstandigheden voor de gedetineerden. Maar dat zijn vervlogen tijden, toch?

Lees verder

#290: De informatiebeschikking misbruikt voor het strafrecht?

Het fiscale recht kent een ruime informatieverplichting. Op grond van artikel 47 AWR dient een belastingplichtige alle gegevens en inlichtingen te verstrekken die van belang kunnen zijn voor de belastingheffing te zijnen aanzien. Deze informatieverplichting in het fiscale recht kan nog wel eens botsen met het recht om te zwijgen in het strafrecht. Hierover schreven wij bijvoorbeeld ook in Vaklunch #112  en Vaklunch #209. Voorkomen dient te worden dat de fiscale informatieverplichting wordt gebruikt voor strafrechtelijke doeleinden. Dat geldt overigens ook vice versa. Zo schreven wij in Vaklunch #274 al over de omgekeerde situatie waarin het strafrecht werd misbruikt voor een fiscale zaak. In de uitspraak van 1 oktober 2018 van de rechtbank Gelderland lijkt het echter alsof het fiscale recht gebruikt wordt voor strafrechtelijke doeleinden. Gelukkig steekt de rechtbank daar een stokje voor.Lees verder