#338: Is er een tropische storm op komst?

Tot enkele jaren geleden kwam strafrechtelijke vervolging van fiscale delicten in de Caribische delen van ons Koninkrijk niet vaak voor. Onduidelijk is waarom het Openbaar Ministerie vrijwel geen oog had voor de vervolging van belastingfraude. Maar daar is inmiddels verandering in gekomen. Het Openbaar Ministerie van Curaçao heeft de afgelopen jaren van zich laten horen in het fiscale domein. De ene keer succesvoller dan de andere. Niettemin is duidelijk dat het Openbaar Ministerie van Curaçao wakker is geschud. Heel recent zijn de afspraken tussen het Openbaar Ministerie van Curaçao en de Belastingdienst van Curaçao gepubliceerd. In deze Aanmeldings-, Transactie- en Vervolgingsrichtlijnen is vastgelegd welke zaken voor strafrechtelijke vervolging in aanmerking komen en welke zaken administratief zullen worden afgedaan. Wat kunnen we verwachten? Is er een tropische storm op komst?Lees verder

#337: Een stap vooruit, twee stappen terug

Op 23 juli 2019 schreef NRC een artikel over hoe het Openbaar Ministerie en de verdediging tot een bijzondere strafdeal waren gekomen. Het OM, de verdediging en de belastingdiensten van Nederland en Curaçao hadden intensief overleg gevoerd. In ruil voor het bieden van openheid van zaken en het afstaan van miljoenen aan wederrechtelijk verkregen voordeel zou justitie alleen voorwaardelijke gevangenisstraffen eisen. De rechtbank heeft nu een streep gezet door deze afspraken. Wat is hier precies gebeurd? Lees verder

#336: Hoe voorkom je een openbare terechtzitting?

Een kantelpunt in iedere strafzaak is het moment waarop de dagvaarding is uitgereikt aan de verdachte. Dat lijkt het moment te zijn dat een openbare terechtzitting niet meer voorkomen kan worden. Maar de wet biedt wel mogelijkheden. Op grond van artikel 262 van het Wetboek van Strafvordering kan een verdachte binnen 8 dagen na betekening van de dagvaarding daartegen bezwaar maken. Deze procedure biedt een waarborg voor de verdachte tegen een nodeloze openbare terechtzitting. De raadkamer dient achter gesloten deuren te toetsen of het ‘hoogst onaannemelijk is dat de strafrechter, later oordelend, door de voor hem geleverde bewijsvoering het ten laste gelegde feit geheel of gedeeltelijk bewezen zal achten’. Hoewel artikel 262 Sv geen ‘goede pers’ heeft, omdat een dergelijk bezwaar bijna nooit lijkt te slagen, doet de verdediging er toch goed aan om steeds te onderzoeken of er gronden zijn om bezwaar te maken. Succesvolle bezwaren tegen de dagvaarding komen namelijk wel degelijk voor.Lees verder

#335: Een aanname is geen bewijs

In diverse Vaklunches komt het onderwerp witwassen aan de orde. Het is zo gezegd een hot topic. De overheid is er alles aan gelegen om het braafste jongetje van Europa te worden. Zie hiervoor bijvoorbeeld Vaklunch #327 of, vorige week nog, Vaklunch #334. In een tijd waarin witwassen wordt geassocieerd met zwaar crimineel gedrag is het goed om het verwijt van witwassen telkens in het juiste perspectief te plaatsen en met name niet te vergeten dat de bewijslast nog altijd op het Openbaar Ministerie rust. Wij brengen daarom graag een recent gepubliceerde uitspraak van de rechtbank Amsterdam onder de aandacht waarin ons inziens de juiste rechtsbescherming aan de verdachte wordt geboden.Lees verder

#334: Angst is een slechte raadgever

Dat verschillende (financiële) dienstverleners onder het vergrootglas liggen van het Openbaar Ministerie en de FIOD zal niemand zijn ontgaan. Naast de notarissen en de accountants hebben de banken het nu ook te ontgelden. Banken worden door de toezichthouder en opsporingsinstanties flink geprikkeld om aan de aangescherpte regelgeving te voldoen. In de praktijk heeft dit voor klanten verstrekkende gevolgen. De vraag is of de reactie van de banken op deze regelgeving wel redelijk of wenselijk is? Lees verder

#333: Geen woorden maar daden

In diverse Vaklunches hebben wij reeds aandacht besteed aan het feit dat een verdachte mag vertrouwen op toezeggingen van het Openbaar Ministerie. Feit is helaas echter dat het Openbaar Ministerie niet altijd handelt naar haar eigen toezeggingen en dat de rechter dan moet ingrijpen. Voorbeelden hiervan bespraken wij in Vaklunch #235  en Vaklunch #305 . In de Nieuwsbrief Strafrecht van deze maand is nu een nieuw voorbeeld geplaatst (NBStraf 2019/206) die (nog) niet op rechtspraak.nl is gepubliceerd. Lees verder

#332: De verdachte no-show

Iedere verdachte komt fundamentele mensenrechten toe op basis van artikel 6 EVRM. Een ervan is het recht aanwezig te zijn bij zijn eigen berechting. Niet iedere verdachte wil echter aanwezig zijn. En niet iedere verdachte zal het advies krijgen van zijn advocaat om aanwezig te zijn. Wordt een aanhoudingsverzoek dan steeds gehonoreerd? Nee, het aanwezigheidsrecht is namelijk niet absoluut zoals wij al schreven in Vaklunch #218. Waar ligt de grens? Lees verder

#331: Una via: één weg

In Vaklunch #326 schreven wij over het herleven van het una via-beginsel naar aanleiding van het arrest van het Hof Den Bosch van 4 juni 2019. In deze zaak werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging voor het onjuist doen van aangiften omzetbelasting omdat voor die tijdvakken reeds verzuimboetes waren opgelegd voor het niet (tijdig) indienen van de aangiften op basis van artikel 67b AWR en voor het niet (tijdig) voldoen van belasting die op aangifte moet worden voldaan op basis van artikel 67c AWR. In de uitspraak van 23 juli 2019 besteedt de rechtbank Rotterdam ook aandacht aan het una via-beginsel.Lees verder

#330: Wanneer is de getuige verschenen?

Om het ondervragingsrecht ex artikel 6 EVRM te effectueren wordt van de verdediging verlangd dat deze actief verzoekt om het horen van een specifieke getuige. Ook dienen deze verzoeken steeds zorgvuldig te worden onderbouwd. Verder is het moment van het verzoek om een getuige te horen van belang. Het moment is van belang om te bepalen of het verzoek om de getuige te horen, de toets van het verdedigingsbelang dan wel het noodzakelijkheidscriterium kan doorstaan. Hoe zit dat ook alweer met de ter zitting verschenen getuige? Lees verder

#329: Meewerken aan het onderzoek: wat levert dat op?

Straftoemeting doet af en toe wat arbitrair aan. Hoewel de LOVS-richtlijnen houvast geven voor de toe te passen straffen is het uiteindelijk maatwerk. In de LOVS-richtlijnen staat immers ook dat rekening gehouden dient te worden met strafverzwarende en strafverminderende omstandigheden. Maar hoe deze omstandigheden moeten worden gewogen en welk effect deze omstandigheden hebben op de straf blijft altijd gissen. Dat geldt met name voor de vraag of, en zo ja wat meewerken aan het onderzoek oplevert qua strafmaat. Op deze vraag moeten advocaten veelal het antwoord schuldig blijven aan hun cliënt. Het Hof in Den Haag heeft echter in het arrest van 17 mei 2019, recent gepubliceerd, goed inzichtelijk gemaakt wat het effect van meewerken op de strafmaat kan zijn.
Lees verder