#394: Waar rook is, is niet altijd vuur

Hoewel verdachten voor onschuldig moeten worden gehouden tot het tegendeel bewezen is, wordt een verdachte niet altijd zo behandeld. Niet door de overheid en niet door de samenleving. Dat is een zware last die verdachten moeten dragen. De kennelijke gedachte dat waar rook is, ook vuur zal zijn, speelt daarin een rol. Dat komt zelfs voor als het bewijs op het eerste oog al gebrekkig is. Een goede verdediging is dus van groot belang om het beeld te doen kantelen. Die verdediging kost tijd, veel tijd, en is daarmee kostbaar. Als de verdediging erin slaagt om de zaak te laten stoppen, dan is daar de mogelijkheid om de advocaatkosten vergoed te krijgen op basis van artikel 530 Sv. Als pleister op de wonde dan, want uiteraard is de daadwerkelijke schade groter.

Deze schadevergoedingsprocedure levert veel voer voor discussie op. In Vaklunch #386 en #388 schreven we al over de procedures waarin de vraag ter discussie stond of wel sprake was van ‘een zaak’ die voor vergoeding in aanmerking kwam. De kwestie vertoonde alle symptomen van een zaak, maar het Openbaar Ministerie had de zaak gestopt voordat het deze als een zaak had ingeschreven in de systemen. Gelukkig is daarover klare taal gesproken. Ook in zo’n situatie is sprake van een geëindigde zaak en komt de betrokkene in aanmerking voor vergoeding.

Een andere veel voorkomende discussie gaat over de door de advocaten gehanteerde tarieven en de tijd die aan de zaak is besteed. In de regel vindt het Openbaar Ministerie dat de tarieven te hoog liggen en dat te veel tijd aan de zaak is besteed. Hoewel rechters daar in sommige gevallen in mee gaan, zijn er ook rechters die zich daartoe niet laten verleiden. Zo ook Rechtbank Den Haag in een recente uitspraak. En de rechtbank legt ook uit waarom.

De rechtbank onderkent in deze zaak volledig dat het gaat om een onderzoek dat voor de verdediging zeer bewerkelijk is geweest. Het betrof een onderzoek naar mogelijke fraude in de vorm van valsheid in geschrifte en oplichting bij het aanvragen van subsidie voor innovatieve kassenbouw. Het is langlopend – 2014 tot 2019 – en omvangrijk geweest en eindigde uiteindelijk in een vrijspraak voor de betrokkene. Het ging volgens de rechtbank ook om complexe, administratief financiële en technische materie. Deze aard van de zaak betrekt de rechtbank bij het oordeel in hoeverre de gevraagde vergoeding billijk is.

De rechtbank oordeelt dat het terughoudend moet zijn in het toetsen van de gehanteerde uurtarieven. Deze komen de rechtbank niet onredelijk voor, mede gelet op het voorgaande en het feit dat de zaak een bijzondere specialisatie van de raadslieden vergde. In deze specifieke zaak werd bijstand verleend door meerdere advocaten. De rechtbank vindt dat begrijpelijk en oordeelt dat deze kosten dus ook voor vergoeding in aanmerking komen: “De rechtbank acht het in dit geval niet onbillijk om ook de daarmee gemoeide kosten volledig te vergoeden. Daarbij komt dat het bij een langlopend onderzoek niet ongewoon is dat er meer uren aan dossieronderzoek worden besteed, omdat een raadsman zich tot op zekere hoogte opnieuw moet inlezen nadat het onderzoek – zoals in deze zaak – een tijd heeft stilgelegen.”

Ook begrijpt de rechtbank dat afstemming heeft moeten plaatsvinden tussen de advocaten van de medeverdachten. De rechtbank overweegt daarover: “Voor zover tussen de raadslieden werkzaamheden zijn verdeeld, zoals het indienen en onderbouwen van onderzoekswensen, het stellen van vragen aan getuigen en het voorbereiden en voordragen ter terechtzitting van verweren, is aannemelijk geworden dat dit heeft geleid tot efficiëntie en tijdsbesparing en daarmee uiteindelijk juist kostenbesparing. De rechtbank acht het dan ook billijk om ook de kosten gemoeid met overleg met de raadslieden van de medeverdachten te vergoeden.”

De rechtbank kent, op een aantal beperkte verminderingen na, nagenoeg het volledige verzoek om vergoeding toe. Hoewel de betrokkene het onderzoek ongetwijfeld liever geheel bespaard was gebleven is dat toch een stevige pleister op de wonde.

Heb je vragen over het voorgaande of wil je hierover van gedachten wisselen? Neem dan contact op met boezelman@hertoghsadvocaten.nl of boer@hertoghsadvocaten.nl. Uiteraard is het ook mogelijk om over dit onderwerp te praten in een (digitale) Vaklunch on demand bij jou op kantoor.

Geen reacties

Plaats een reactie