#225: Een leerstuk herleeft

Gisteren is op rechtspraak.nl een bijna 27 jaar oud arrest verschenen van 4 december 1990 over het verschil in tijd bij de voortgezette handeling. Tussen het wijzen en publiceren van dit arrest zit in ieder geval een behoorlijk tijdsverschil. Van een voortgezette handeling is hier geen sprake. Maar wanneer wel? De reden van publicatie is overigens \dat de Hoge Raad op 20 juni van dit jaar een arrest heeft gewezen over de voortgezette handeling waarin wordt verwezen naar deze jurisprudentie en wordt geconcludeerd dat het toepassingsbereik van deze regeling ruimer is dan wellicht kon worden afgeleid uit eerdere rechtspraakAls een bewezenverklaring meerdere gelijksoortige feiten oplevert dan is het aan de rechter om te bepalen of deze feiten als één voortgezette handeling zijn aan te merken of als meerdere op zichzelf staande handelingen. Indien sprake is van een voortgezette handeling dan dient de rechter dit mee te nemen in de kwalificatie van het delict. Indien sprake is van een voortgezette handeling van meerdere strafbare feiten dan wordt slechts één strafbepaling toegepast, namelijk de bepaling waarin de zwaarste hoofdstraf is opgenomen.

De voor de voortgezette handeling in aanmerking te nemen feiten moeten voortkomen uit een ongeoorloofd wilsbesluit. Uit de eis dat de handelingen voort dienen te komen uit een wilsbesluit betekent veelal dat de handelingen binnen een korte tijdsduur op elkaar volgen. Maar wat is ‘kort’?  Uit de jurisprudentie volgt dat het begrip ‘kort’ afhankelijk is van de feiten van het geval. Zo lag bijvoorbeeld in het arrest van de Hoge Raad van 29 juni 1925 zeventig dagen tussen de voortgezette handelingen.

In de zaak die leidde tot het arrest uit 1990 draaide het om een voor valsheid in geschrifte veroordeelde verdachte. Uit de feiten volgde dat deze valsheid primair was gepleegd om een financiering voor een schip te kunnen krijgen. Ten aanzien van het verkrijgen van deze financiering werd de verdachte veroordeeld voor oplichting. Het Hof oordeelde dat reeds door het verschil in tijd waarop de feiten zijn begaan deze niet in zodanig verband met elkaar staan dat zij moeten worden beschouwd als één voortgezette handeling.

Het middel klaagt er over dat het oordeel van het Hof blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting door enkel te overwegen dat het tijdsverloop reeds maakte dat geen sprake was van een voortgezette handeling. Hierbij wordt door de steller van het middel verwezen naar een arrest van 25 maart 1929 (NJ 1929, 1156) waarin is geoordeeld dat niet vereist is dat de feiten op hetzelfde of nagenoeg hetzelfde tijdstip zijn gepleegd. Daarbij dient in ogenschouw te worden genomen dat bewezen is verklaard dat de valsheid in geschrifte op 24 januari 1984 is gepleegd en de oplichting omstreeks 1984. Daarmee heeft het Hof aldus miskend dat deze bewezenverklaring de mogelijkheid open laat dat beide feiten een kort tijdsverloop hebben.

De Hoge Raad zet vervolgens uitgebreid de bewijsmiddelen van het Hof uiteen en stelt dat het Hof uit de bewijsmiddelen heeft kunnen afleiden dat de bewezen verklaarde feiten ongeveer een maand na elkaar zijn gepleegd. De Hoge Raad overweegt verder dat het Hof er kennelijk vanuit is gegaan dat het plegen van valsheid in geschrifte om een financiering te krijgen geen uiting is van een ongeoorloofd wilsbesluit, zodat het Hof kon overwegen dat de feiten reeds door het verschil in tijd waarop de feiten zijn begaan niet in zodanig verband staan dat zij moeten worden beschouwd als één voortgezette handeling.

In het recente arrest van de Hoge Raad oordeelt de Hoge Raad dat bij een voortgezette handeling sprake dient te zijn van elkaar in de tijd opvolgende gedragingen die zo nauw met elkaar samenhangen dat de verdachte daarvan (in wezen) één verwijt wordt gemaakt. De Hoge Raad ziet met name een rol weggelegd voor deze bepaling in het licht van de witwasregelgeving. Hier besteedden wij reeds aandacht aan in Vaklunch #197.

Heb je vragen of wil je van gedachten wisselen over het voorgaande neem dan contact met ons op via boezelman@hertoghsadvocaten.nl of boer@hertoghsadvocaten.nl.

Geen reacties

Plaats een reactie