#271: Verheugen op modernisering

In Vaklunch #180 schreven we al over de onmogelijkheid in het strafrecht voor feitenrechters om prejudiciële vragen aan de Hoge Raad te stellen. In zowel het civiele als het fiscale recht is dat wel mogelijk. Het voordeel van deze mogelijkheid kan zijn om sneller zekerheid te krijgen over een rechtsvraag. Dat geldt met name voor de zaken waarin geen discussie (meer) bestaat over de feiten. Een extra procedure bij het Hof kan dan worden voorkomen. De commissie Hammerstein heeft de mogelijkheden en de wenselijkheid van een dergelijke procedure in het kader van het Onderzoeksproject Strafvordering 2001 al eens overwogen, maar afgewezen. In het wetsvoorstel om het wetboek van strafvordering te moderniseren is deze mogelijkheid wel opgenomen. Ziet men nu toch de voordelen ervan?

Binnen het recht van de Europese Unie is het, ook binnen het strafrecht, voor feitenrechters wel mogelijk een prejudiciële vraag te stellen aan het Europees Hof van Justitie. Artikel 26 Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie biedt die mogelijkheid. Angelique Perdaems en Mariëlle Boezelman hebben de mogelijkheden en de onmogelijkheden op dat vlak uitvoerig toegelicht in hun bijdrage in het Strafblad. Als lidstaten optreden binnen het toepassingsgebied van het recht van de Unie, ontstaat de mogelijkheid voor lagere rechters een vraag te stellen aan het Europees Hof van Justitie. De hoogste nationale rechter is verplicht om een dergelijke vraag te stellen, tenzij sprake is van een zogenaamde acte clair of acte éclairé.

De commissie Hammerstein heeft de mogelijkheden en de wenselijkheid van een prejudiciële procedure in het kader van het Onderzoeksproject Strafvordering 2001 al eens overwogen, maar afgewezen. De commissie Hammerstein was met name huiverig voor de invoering van de mogelijkheid prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad omdat de verwevenheid van de rechtsvragen met de feiten met zich kan brengen dat in de toepassing van het antwoord op de feiten en de vaststelling van de feiten verschillen kunnen ontstaan. Daarnaast zou de prejudiciële procedure weinig opleveren indien de feitenrechter het antwoord onjuist toepast in de betreffende zaak.

Ondanks al die bezwaren ziet de wetgever anno 2018 toch de voordelen van een prejudiciële procedure in. Deze mogelijkheid is namelijk opgenomen in het wetsvoorstel om het wetboek van strafvordering te moderniseren. Het wetsvoorstel is met enthousiasme ontvangen.

Het WOCD schreef in de evaluatie van de Wet Prejudiciële Vragen aan de Hoge Raad al ervan overtuigd te zijn ‘dat het invoeren van de mogelijkheid om in strafzaken prejudiciële vragen te stellen, nuttig kan zijn en de eenheid van het (straf)recht kan bevorderen, alsook kan bijdragen aan zowel de rechtsvorming en de rechtsbescherming in het strafrecht als aan verbetering van de kwaliteit van de strafrechtspleging’. Het tijdig verkrijgen van een antwoord op een rechtsvraag van de Hoge Raad draagt bij aan rechtseenheid. In voorkomende gevallen wordt daarmee het zaaks overstijgende karakter van de rechtsvraag onderkend. Immers, ook andere feitenrechters beschikken daardoor in een vroeg stadium al over een deskundig advies van de Hoge Raad omtrent een bepaalde kwestie.

Ook de president en de procureur-generaal van de Hoge Raad laten het niet na om in hun advies over het nieuw voorgestelde wetboek van strafvordering iets te zeggen over de het voorstel om prejudiciële vragen aan de Hoge Raad te stellen. blijkens hun advies van 22 mei 2018 zijn zij hiermee erg ‘verheugd’. De president en de procureur-generaal van de Hoge Raad zien de mogelijkheid om prejudiciële vragen aan de Hoge Raad te kunnen stellen als een belangrijke aanvulling op de huidige wettelijke regelingen die de kwaliteit van de strafrechtspleging kan bevorderen en hopen op een spoedige invoering ervan.

Is het preken voor eigen parochie? Wij denken van niet. Via deze route wordt het juist mogelijk om sneller duidelijkheid te krijgen over rechtsvragen, waar burgers in de feitenrechtspraak van zullen profiteren. Juist in een ingrijpend rechtsgebied als het strafrecht is dat van cruciaal belang.

Mocht je vragen hebben over het voorgaand of van gedachten willen wisselen met ons, neem dan contact op via boezelman@hertoghsadvocaten.nl of boer@hertoghsadvocaten.nl.

Geen reacties

Plaats een reactie