#313: De werkelijkheid

“De werkelijkheid is slechts een illusie, zij het een heel hardnekkige.” Albert Einstein

Ondanks dat het bestaan van de waarheid of de werkelijkheid door vele filosofen, natuurkundigen en anderen in twijfel wordt getrokken, houden juristen graag vast aan wetten en juridische werkelijkheden. De grootste discussie over de juridische werkelijkheid ontstaat in het strafrecht vaak bij het delict valsheid in geschrifte. Van een intellectuele valsheid is namelijk sprake als de inhoud van een geschrift niet overeenstemt met de werkelijkheid. De rechter dient dan te toetsen wat die werkelijkheid is. In een conclusie van Advocaat-Generaal Hofstee van 12 maart 2019 is deze discussie aan de orde.

De zaak lag als volgt. Schippers die minerale oliën vervoeren verduisteren een deel van hun vracht en verkopen dit deel van hun lading aan de verdachte. De verdachte haalt samen met zijn vader deze lading op met een tankauto. Vervolgens wordt deze olie voor een gunstige prijs verkocht aan bedrijven. Daarvoor worden facturen opgemaakt. Deze facturen worden opgemaakt uit naam van twee bedrijven, te weten Wolles en Bos. Het Hof overweegt dat deze facturen vals zijn omdat deze bedrijven klaarblijkelijk zijn opgericht of gebruikt opdat de verdachte en zijn vader zich kunnen voordoen als bonafide verkopers, verbonden aan bedrijven die niet direct tot hen herleidbaar zijn.

De indiener van het middel stelt echter dat van een werkelijke leverancier en/of verkoper van de geleverde minerale olie sprake is en dat derhalve de intellectuele valsheid ten aanzien van de facturen ontbreekt. De Advocaat-Generaal wuift dit argument weg door aan te geven dat uit de bewijsvoering blijkt dat Wolles is opgericht om te doen voorkomen dat dit bedrijf de echte eigenaar was van de minerale olie en dat het bedrijf is dat deze olie legaal, met factuur en al, verkoopt aan afnemers, terwijl in werkelijkheid de olie is verduisterd en door de verdachte en zijn vader wordt geleverd. Hiertoe verwijst de Advocaat-Generaal naar de in bewijsmiddel 99 opgenomen verklaring van een medeverdachte die verklaart dat hij is overgehaald om een bedrijf te starten, hij heeft de olie nooit in bezit gehad, “de zoon” – de verdachte dus, AG – verkoopt de olie, etc. Daarmee verwerpt de Advocaat-Generaal het middel.

Wij vragen ons echter af of het oordeel van het Hof en van de advocaat-generaal juist is. Er wordt een vennootschap opgericht door A. Deze vennootschap verkoopt oliën aan derden en maakt hiervoor facturen op. Deze derden maken het geld ook over aan deze vennootschap. Hoewel de het arrest dit in het midden laat, kunnen wij ons voorstellen dat deze vennootschap ook belasting betaalt. Uit de verklaring van de medeverdachte kan worden opgemaakt dat deze vennootschap handelde voor een ander maar de olie nooit in haar bezit heeft gehad. Een tussenvennootschap aldus. De vraag is of deze werkwijze de facturen vals maakt? Maakt het verwerpelijke motief voor het oprichten van deze vennootschap nu dat deze vennootschap de oliën niet heeft verkocht?

Deze situatie doet ons denken aan de NS-zaak waarover wij schreven in Vaklunch #251. De rechtbank overwoog in deze zaak expliciet dat verwerpelijke motieven voor een juridische constructie nog niet betekent dat deze juridische werkelijkheid niet zou bestaan. Ook in deze zaak kan je je afvragen of juridisch gezien deze vennootschap de olie heeft verkocht. Het feit dat de betreffende vennootschap wellicht niet de feitelijke beschikkingsmacht over het goed heeft gehad betekent op voorhand nog niet dat zij het goed niet heeft verkocht. Ons inziens schiet de motivering van het Hof dus wel degelijk tekort. Het enkele feit dat de vennootschap is opgericht met een onheus motief betekent ons inziens niet dat zij niet de juridische levering heeft verricht. Uit de overweging van het Hof volgt ons inziens dus niet dat de facturen in strijd zijn met de juridische werkelijkheid. Dit doet uiteraard niet af aan de strafbare feiten die voordien hebben plaatsgevonden. Het is dus de vraag of het Openbaar Ministerie de ‘juiste’ strafbare feiten heeft vervolgd.

Heb je vragen over het voorgaande of wil je hierover van gedachten wisselen met ons? Neem dan contact op met boezelman@hertoghsadvocaten.nl of boer@hertoghsadvocaten.nl.

Geen reacties

Plaats een reactie