#250: Out with the old, in with the new

Out with the old, in with the new, dat leek in 2017 het lot van de inkeerregeling vanaf 1 januari 2018. In de loop van 2017 heeft de staatssecretaris de afschaffing van de inkeerregeling per 2018 aangekondigd. In vaklunch #228 schreven we dat de staatsecretaris de Tweede Kamer op 12 juli 2017 informeerde dat hij de inkeerregeling vanaf 2018 wilde afschaffen. Hoewel uit het bericht niet kon worden opgemaakt dat naast de fiscale ook de strafrechtelijke inkeerregeling zou worden afgeschaft, bleek de staatsecretaris dit wel voor ogen te hebben. Toch starten we 2018 met behoud van de van de inkeerregeling, zowel fiscaal als strafrechtelijk.

Oud-staatssecretaris Wiebes liet de Tweede Kamer op 12 juli 2017 weten dat hij het voorstel tot afschaffing van de inkeerregeling zal opnemen in het Belastingplan 2018. Wiebes bleek het niet enkel op de fiscale inkeerregeling voorzien te hebben, maar ook op de strafrechtelijke pendant. Heel fiscaal Nederland struikelde over het voornemen. En hoewel de goegemeente de verwachting had dat het voorstel één op één zou worden aangenomen bleek ook in Den Haag nog oog voor het belang van het behoud van de inkeerregeling.

Kort voor het einde van 2017 stemde de Tweede Kamer dan ook in met een amendement van Omtzigt, waardoor de inkeerregeling per 1 januari 2018 toch niet helemaal wordt afgeschaft. Omtzigt vind het wenselijk dat een signaal wordt afgegeven dat het niet aangeven van buitenlands vermogen niet onbestraft kan blijven. Om die reden wordt de inkeerregeling voor ‘zwartspaarders’ afgeschaft. Niettemin onderkent hij ook het belang van de inkeerregeling, waarvoor kantoorgenoten mr. Kerckhoffs en mr. Perdaems eerder dit jaar ook al aandacht vroegen. Het vervult een belangrijke functie als veilige haven voor belastingplichtigen die hun aangifte willen verbeteren, aldus Omtzigt. De reden om de inkeerregeling te behouden is juist om het vrijwillig melden van onjuiste aangiften te bevorderen en te voorkomen dat belastingplichtigen zich niet melden uit vrees voor het opleggen van een boete. Het behoud van de inkeerregeling is juist in het belang van de schatkist en het bevorderen van compliant gedrag van belastingplichtigen. Kennelijk geldt dat volgens Omtzigt niet voor de zogenaamde ‘zwartspaarders’.

De wettelijke inkeerregeling blijft derhalve ook vanaf 2018 van kracht voor inkomen uit box 1 en 2. De inkeermogelijkheid wordt afgeschaft voor inkomen uit sparen en beleggen dat in het buitenland is opgekomen. Aan artikel 67n AWR wordt daartoe het volgende lid toegevoegd:

‘Het eerste lid is niet van toepassing voor zover de juiste en volledige aangifte, dan wel de juiste en volledige inlichtingen, gegevens of aanwijzingen, bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft, onderscheidenlijk hebben, op inkomen uit sparen en beleggen dat in het buitenland is opgekomen.’

Ook strafvervolging blijft voor deze categorie mogelijk. Aan artikel 69, lid 3, AWR wordt daartoe de volgende zin toegevoegd:

‘In afwijking van de eerste volzin vervalt het recht tot strafvervolging op de voet van dit artikel niet voor zover de schuldige alsnog een juiste en volledige aangifte doet, dan wel juiste en volledige inlichtingen, gegevens of aanwijzingen verstrekt die betrekking heeft, onderscheidenlijk hebben, op inkomen uit sparen en beleggen dat in het buitenland is opgekomen.’

De inkeerregeling zoals die op 31 december 2017 gold – dus ook voor in het buitenland opgekomen inkomen uit sparen en beleggen – blijft overigens van toepassing voor aangiften die voor 1 januari 2018 gedaan zijn of gedaan hadden moeten zijn en voor inlichtingen die voor 1 januari 2018 zijn verstrekt of hadden moeten zijn verstrekt. De afgeslankte inkeerregeling geldt aldus voor aangiften die vanaf 1 januari 2018 moeten worden gedaan.

Het is de vraag of deze nieuwe wetgeving door de juridische beugel kan. Is het onderscheid dat wordt gemaakt tussen ‘zwartspaarders’ en andere inkeerders bijvoorbeeld niet discriminerend? De eerste kan wel strafrechtelijk vervolgd worden terwijl de ander er met een boete vanaf komt, voor de eerste twee jaren zelfs boeteloos. Hierover zal de komende tijd ongetwijfeld geprocedeerd worden.

Heb je vragen over het voorgaande of wil je hierover van gedachten wisselen met ons? Neem dan contact op met boezelman@hertoghsadvocaten.nl of boer@hertoghsadvocaten.nl.

Geen reacties

Plaats een reactie